HOE GROEN WAS MIJN EILAND 2!



     Gepubliceerd in de amigoe Woensdag 16 december 2015


     Ik hoorde eens iemand zeggen: ‘In plaats van die tram in Oranjestad hadden ze beter een sneltram naar San Nicolas kunnen aanleggen.’ Geen gekke gedachte, dacht ik, maar in Nederland zouden ze zingen: “Wie zal dat betalen, zoete lieve GerriEtje?” En daar wringt hem de schoen bij veel van de mooie ideeėn om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Ook voor ons eiland geldt dat, waar er talloze mogelijkheden zijn voor alternatieve energie, maar vooralsnog is het allemaal nogal kostbaar, al zullen de kosten geleidelijk aan zeker dalen.


      Echter, ook zonder die kostbare alternatieven zijn er allerlei mogelijkheden om ons eiland echt groener te maken. Om het, om te beginnen maar eens over groen te hebben. Volgens geschiedkundige bronnen was Aruba in het verleden veel groener dan thans, waardoor er ook veel meer regen viel. Maar sinds er op het eiland geiten en schapen werden geļntroduceerd ging het met rasse schreden achteruit, Runderen, - waaronder ook geiten en schapen - zijn notoire vervuilers. Ze vreten niet alleen alles kaal wat groen is, maar produceren bovendien enorme hoeveelheden methaangas, als gevolg van hun herbivore levensstijl. Van koeien is bijvoorbeeld uitgerekend, dat ze het milieu veel erger aantasten dan auto's met hun uitlaatgassen.


     Maar, ... wie zal de kat de bel aanbinden? Welke partij durft nu eindelijk eens het risico te nemen wat stemmen van geitenbezitters te verliezen, door alle loslopende geiten te laten vangen en op de vleesmarkt te brengen? Daarmee zou Aruba op vrij korte termijn veel groener worden dan het nu is en zou herbebossing een goeie kans van slagen hebben, wat volledig past in de bestrijding van de opwarming van de aarde. Maar nogmaals: belangrijke beslissingen die stemmenverlies kunnen opleveren, worden op onze eilanden zelden genomen. En als ze al genomen werden worden ze met spoed teruggedraaid, zoals we gezien hebben met het voorstel om de motorrijtuigen belasting te vervangen door brandstofaccijns. Daarmee zouden de grootste vervuilers ook de hoogste kosten dragen, maar o wee! ook wel eens bij de eerstvolgende verkiezingen hun stem kunnen achterhouden.


     In feite komt het erop neer - en dit geldt zowel voor de regeringspartij als voor de oppositie - dat men het kiezersvolk voor onbenullen houdt die alleen geļnteresseerd zijn in meer poen en voor wie de opwarming van de aarde een rotzorg zal wezen, á la republikeinen in de VS, die al hebben laten weten dat als ze de meerderheid behalen bij de volgende verkiezingen, ze het verdrag van Parijs in de prullenmand zullen mieteren, zo van "après nous le déluge!"(na ons de zondvloed). Ik vrees met grote vreze dat er van alle mooie voornmens voor een groen Aruba - O, nee! op aruba heet dat “green!” - weinig terecht zal komen, want met een nieuw windmolenpark en zonnepanelen kom je er niet! De vervuiling moet dringend worden aangepakt door, bijvoorbeeld het bevorderen van een kringloopeconomie - o, nee! op Aruba heet dat “recycling” - waar op ons eiland uitsluitend een particulier bedrijf zich in beperkte mate op richt. De overheid, inclusief alle politieke partijen, laten het in dit opzicht helemaal afweten. Zij willen, met z'n allen (en eisen allemaal voor zich de eer op) een ouwe raffinaderij weer aan de praat krijgen terwijl het verdrag van Parijs juist bepaalt dat de fossiele brandstof moet worden uitgebannen. Natuurlijk zullen gas en olie niet van de ene dag op de andere verdwijnen, maar om nieuwe productie op te starten is op z'n zachts gezegd een vreemde beslissing.


     In een volgende bijdrage kom ik onder andere terug op de kringloopeconomie.



Henk de Beijer, Aruba.